Spring naar inhoud

Veelgestelde vragen over windmolens

Je kunt een melding doen via de Milieuklachtenlijn via 050 318 0000 of de Hinderapp.

We registreren je melding en laten je per brief weten wat we ermee hebben gedaan. Klachten over geluid worden het hele jaar door bijgehouden en gebruikt om te bepalen of aanvullend onderzoek nodig is.

We registreren je melding en laten je per brief weten wat we ermee hebben gedaan. Bij meldingen over slagschaduw wordt gecontroleerd of de windmolen voldoet aan de wettelijke beperkingen voor slagschaduw.

ODG behandelt geen meldingen over de verlichting van windmolens. Voor de vliegveiligheid zijn de windmolens voorzien van 'obstakelverlichting'. De regels hiervoor worden vastgesteld door de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT).

Meer informatie vind je op de website van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO).

Ja. Ook wanneer een windmolen aan de wettelijke eisen voldoet, registreren wij meldingen van omwonenden. Deze meldingen helpen ons om afwijkingen of mogelijke problemen te signaleren.

De Omgevingswet bevat regels en instrumenten om overlast van windmolens te voorkomen of zoveel mogelijk te beperken. Geluid wordt beoordeeld op basis van een jaargemiddelde en mag gemiddeld niet hoger zijn dan 47 decibel overdag en 41 decibel 's nachts.

Omdat de norm is gebaseerd op een jaargemiddelde, is tussentijds optreden op basis van een individuele melding niet mogelijk. Meldingen kunnen wel aanleiding zijn voor aanvullend onderzoek.

De geluidsnorm is gericht op het voorkomen van hinder in huis met gesloten ramen. Overlast bij open ramen of in de tuin valt buiten deze norm.

De wet staat een bepaalde mate van hinder toe. Daardoor kan het voorkomen dat een windmolen voldoet aan de wettelijke normen, terwijl omwonenden toch overlast ervaren.

Bij weinig wind draaien de molens langzaam en is er meestal weinig geluidsoverlast. Bij harde wind wordt het geluid van de molens vaak overstemd door het geluid van de wind zelf.

De meeste overlast wordt vaak ervaren bij een windsnelheid van ongeveer 8 tot 10 meter per seconde (windkracht 5). Ook kan overlast ontstaan wanneer er op ashoogte veel wind staat en op leefhoogte weinig wind.

De geluidsnorm voor windmolens bedraagt 47 decibel overdag en 41 decibel 's nachts, berekend als een jaargemiddelde van de geluidsniveaus gedurende het hele jaar.

Voorafgaand aan de bouw van een windmolen wordt een slagschaduwonderzoek uitgevoerd. Op basis daarvan wordt bepaald op welke momenten een windmolen moet worden stilgezet om aan de wettelijke regels te voldoen.

Windmolens zijn voorzien van een zonnemeter, waardoor een windmolen bij bewolking kan blijven draaien, ondanks de stilstandkalender.

Windmolens mogen volgens de wet gemiddeld maximaal 17 dagen per jaar langer dan 20 minuten per dag slagschaduw veroorzaken op gevoelige objecten, zoals woningen. 

Buiten deze dagen mag de schaduw maximaal 20 minuten per dag zijn, binnen een afstand van twaalf keer de rotordiameter van de windmolen. Buiten deze afstand is de schaduw meestal te licht om hinder te veroorzaken.

Om te voorkomen dat deze grens wordt overschreden, zijn windmolens voorzien van een automatisch stilstandssysteem. Zodra te veel slagschaduw dreigt te ontstaan, wordt de windmolen tijdelijk stilgezet.